Loading...

Blog

International Consultant on Survival and Resilience
06November

Bezoek Chernobyl Nuclear Power Plant (ChNPP4) en Pripyat, Oekraïne, juni 2018

2018-11-06 18:21:50

Van het ene uiterste naar het andere. Van de ongerepte moerasgebieden en Baltische kust naar het wilde Kiev in de Oekraïne.
Een wereld van verschil.
Na een verblijf van bijna vier weken in Estland vloog ik tegen middernacht in een paar uur van Tallinn naar Kiev.

Aangekomen op Igor Sikorsky Kyiv International Airport werd ik vrijdag 15 juni in alle vroegte afgehaald door mijn vriend Igor Molodan, majoor en survival-instructeur in het Oekraïense leger.
Ongeveer twintig kilometer buiten deze miljoenenstad bewoont hij een landelijk gelegen huis met een grote, gemeenschappelijke moestuin.

 

 

 

Voorbereiding
Op het programma stonden bezoeken aan Kiev, Chernobyl en de spookstad Pripyat.
Een wens die ik al jaren koesterde en vrij plots in vervulling ging.
In november 2017 had ik contact met een brandweerofficier binnen de VRR, die daar begin 2017 met een werkgroep vanuit het Instituut Fysieke Veiligheid (IFV) op studiebezoek was geweest en me verzekerde dat het relatief veilig was dat gebied te bezoeken.

Kiev
Waar je ook heen reist, het is van belang je onmiddellijk aan te passen aan de lokale mores. Hoe onbegrijpelijk het cyrillisch en de taal voor mij ook is. Vervoer naar een busstation aan de rand van de stad ging al liftend, in burgerauto’s, taxi’s of in minibussen, voor omgerekend tussen de dertien en vijftig eurocent per rit.
Vandaar reisden Igor en ik door een ondergronds labyrint van metrostations, stonden we opeengepakt in overvolle bussen en liepen we door de stoffige en bloedhete straten. Na ruim anderhalf uur bereikten we het kantoor van Chernobyl Adventure.
Hetgeen ik me niet realiseerde, is dat het nucleaire rampgebied tegenwoordig een welkome bron van inkomsten vormt voor de toeristenindustrie.
Tegen betaling van € 80,- zou ik de volgende ochtend met een busje opgehaald worden door een chauffeur en gids. Chernobyl ligt op de grens met Wit-Rusland, 135 km ten noorden van Kiev en is via de rivieren Dnipro en Pripjat direct met deze metropool verbonden.

Chernobyl
Op 26 augustus 1986 ontplofte unit 4 van de Chernobyl Nuclear Power Plant (ChNPP), sindsdien heeft deze naam in het collectieve bewustzijn een sinistere betekenis gekregen.
Als de dag van gisteren herinner ik me dat ik met een aantal mede-studenten in Delft dit rampzalige nieuws besprak, inmiddels tweeëndertig jaar geleden.
In Chernobyl NPP4 hadden de dienstdoende technici tijdens een test een reeks fouten gemaakt, die een cascade van noodlottige gebeurtenissen in beweging zetten en die onomkeerbaar bleken.
Het reactorvat ontplofte en verwoestte de centrale, vandaar verspreidde een enorme radio-actieve wolk zich over NW-Europa.
De Zweedse autoriteiten sloegen als eerste alarm toen de hoge stralingswaarden werden opgemerkt.
Een week nadat de ramp zich voltrokken had, meldde het Centraal Comité van de CCP in Moskou via de sovjet media op verhullende wijze dat er iets gruwelijks mis was gegaan.
Ondertussen werd met man en macht geprobeerd om de brandende nucleaire centrale te blussen. Helikopters vlogen af en aan en stortten tonnen lood, beton en staal op de blootliggende plutoniumstaven in de verwoeste reactor.
De overlevingskans van de piloten en andere reddingswerkers, de zogeheten ‘liquidators’ was vrijwel nihil, sommigen meldden zich als vrijwilliger, talloze dienstplichtigen werden gedwongen zich op te offeren en stierven aan acute stralingsziekte. Voor het algemeen belang.
Met de evacuatie van de ruim 49.000 bewoners van de Sovjet-communistische modelstad Pripyat werd pas na drie dagen begonnen. Al die tijd stond de bevolking bloot aan hoge stralingsdoses.
In totaal zijn uit het gebied 300.000 mensen geëvacueerd.
Het merendeel van de evacués werd in Kiev ondergebracht en naderhand overgeplaatst naar de speciaal gebouwde modelstad Slavutich, feitelijk een kopie van Pripyat, 20 km van het rampgebied.

Op weg
De volgende ochtend stond ik al vroeg langs de doorgaande weg naar Chernobyl waar ik opgepikt werd. Een studente uit Letland en een student uit Frankrijk waren m’n medepassagiers.
Igor, de gids, overhandigde me een plastic zak met een stofmaskertje, een fles water en een pak vochtige doekjes. Onderwijl werd een documentaire over de ramp in Chernobyl vertoond.
Over een weg vol kuilen en gaten haalde onze chauffeur met een zekere doodsverachting en nonchalance meerdere vrachtwagens in.
Het zonovergoten landschap toonde eindeloze graanvelden waar sporadisch groepjes boeren aan het oogsten waren.

Controle
Eenmaal bij de controlepost aan de buitenste periferie, de ‘Exclusion zone’ bleken er meerdere bussen met toeristen te staan. Voornamelijk Engelsen en Spanjaarden.
De plek oogde nogal armoedig; een wachtgebouwtje, een paar slagbomen en drie licht bewapende militairen. Nadat we onze paspoorten hadden getoond en de gegevens gecontroleerd waren, mochten we door.

Vergane glorie
De tijd leek bevroren. Her en der zag ik onderweg herinneringen aan het communistische systeem, waaronder een standbeeld van Lenin en een brievenbus met hamer en sikkel.

Brandweer
Op het plein voor de brandweerkazerne stonden twee zwaar verouderde voertuigen geparkeerd. Al snel werd duidelijk dat men over onvoldoende moderne blusmiddelen beschikt en geen blushelikopters heeft. Slechts driehonderd brandweermannen zijn voor dit uitgestrekte gebied beschikbaar.

Radarpost
Langs de platgewalste dorpsgemeenschap Zalissya voerde de weg, bestaande uit betonnen platen, over de rivier de Pripjat naar de tweede controle post “Leliv’. Twee verveeld kijkende soldaten controleerden onze papieren. Daarna sloegen we in westelijke richting een bospad in, die leidde naar de vroegere militaire basis Chernobyl-2 met de OTH-B radar ‘Duga-1’. Dit 150 hoge en 700 meter brede radarsysteem bestaande uit stalen peilers, masten, buizen en kabels was een van de belangrijkste onderdelen van de nucleaire defensiestrategie tijdens de Koude Oorlog. Het complex was neergezet om eventuele raketten te volgen, die vanuit de USA gelanceerd zouden worden.

Tot mijn grote verbazing zag ik een grote groep Chinese toeristen, die selfies namen en gedwee achter hun reisleider aanliepen.
Mijn gids en twee reisgenoten had ik inmiddels zo snel mogelijk achter me gelaten, ik struinde alleen door het bosgebied met vervallen gebouwen, langs kapotte hekwerken met roestig prikkeldraad en zag ontmantelde voertuigen, half vergane verkeersborden en muurschilderingen vol afgebladderde soldatenheroïek.

Na dit bliksembezoek reden we binnen deze ‘Exclusion zone’ langs de overblijfselen van een verlaten dorp met een kinderdagverblijf. In het stenen gebouwtje bevonden zich kamers met kinderledikanten, afgebladderde muren, kapot sanitair, gebroken ramen, plastic speelgoed, gehavende poppen zonder armen en benen, alles bedekt met een dikke laag stof.
Buiten bij een boom sloeg de wijzer van de geigerteller van de gids zichtbaar uit en klonk een onheilspellend en angstaanjagend gepiep. Dat vergeet ik niet meer. Straling is niet zichtbaar, voelbaar, hoorbaar, niet te proeven of te ruiken, maar het is er wel.
Ik voelde kramp in mijn buik.

ChNPP4
En voort ging de tocht, langs ChNPP4, sinds het najaar van 2016 omgeven door een enorme betonnen en stalen geconstrueerde sarcofaag van 110 meter hoog, 260 meter lang, 165 meter breed en met een gewicht van 36 miljoen kilo.
De directe bouwkosten bedroegen ruim anderhalf miljard euro.
Van een afstand keek ik naar het gevaarte.

De eerste sarcofaag werd in 1986 provisorisch gebouwd en vertoonde ernstige constructiefouten. De kilo’s plutonium die daar door de brand gesmolten waren en door de betonnen vloer dreigden te zakken, hadden een tweede nog grotere explosie kunnen veroorzaken, wanneer deze in aanraking zou zijn gekomen met het waterreservoir onder het reactorvat.
Ternauwernood is dat voorkomen en werd het bijtijds leeggepompt. Onder de meest extreme en gevaarlijke omstandigheden werd de klus geklaard. De straling was zo hoog dat blootstelling langer dan twee minuten gelijk stond aan een doodvonnis.

Ooggetuigeverslag
Een aangrijpend verslag vormt de publicatie van Sergii Mirnyi in: 'Worse than radiation and 7 odd Chernobyl stories'.¹
De auteur, een natuur-scheikundig wetenschapper en peletonscommandant van een militaire verkenningseenheid was kort na de ramp actief in het nucleair besmette gebied. Hij vertelt over de zenuwslopende en uitputtende missies om stralingswaarden te meten vanuit een hermetisch afgesloten pantservoertuig.

(...) "Our ARPV's - Armoured Reconnaissance Patrol Vehicle, or 'armic' in local Chernobyl slang, - from the side they look like flat-bottomed boats on wheels, with a little conning tower on top" (...)
" The ARPV grinds forward - Kolya engages four wheel drive - and looms over the three metre drop - why the hell did we come this way?! - and at this moment the clay under the left rear wheel crumbles, breaks away, the armic tilts, Kolya gives it more throttle, the armic's four wheels churn feverishly, the armic starts slewing round, tipping then sliding slowly down backwards...
I tear of my respirator: 'Stop! Sto-op!! Stooop!!!', the roar of the engine dies, and the armic comes to rest like an injured dog - belly to the ground, one rear wheel hanging over the drop... We look at each other - a few hundred metres away, over there, where the trench runs from, we can see the blackened wreck of 4 reactor. We 're in a real mess." (...)

Plutonium-239
De halfwaardetijd van plutonium-239 is ongeveer 25.000 jaar.
Ter vergelijking, de Chinese cultuur is ruim vijfduizend jaar oud, de oude Egyptische en Soemerische beschavingen duurden ook duizenden jaren, het Romeinse imperium kende haar hoogtepunt meer dan tweeduizend jaar geleden.
Waar hebben we het over?
In die anderhalf miljard euro kostende doodskist ligt een mega-tijdbom, het is een tijdelijk omhulsel dat hoogstens honderd jaar meegaat. Het internationale atoomgenootschap gaat ervan uit dat er tegen die tijd betere inzichten en technieken voorhanden zijn om het stralingsgevaar effectief in te dammen.
Maar wie weet hoe de geo-politieke wereld er over een eeuw uitziet?
Honderd jaar geleden eindigde WWI en kwam aan de Oostenrijks-Hongaarse dubbelmonarchie, het Duitse keizerrijk en het Russische tsarendom een bloedig einde.
Alles is vergankelijk, culturen, rijken, beschavingen komen en gaan, dat is een constante in de mensheidsontwikkeling. Iedere civilisatie gaat door een natuurlijke cyclus van opkomst, consolidatie en neergang.
Denken en kijken bestuurders, politici en technocraten überhaupt verder dan de waan van de dag en naar de lange termijn effecten van hun handelen? De vraag stellen, is hem beantwoorden.

Ramptoerisme
En onderwijl stopten meerdere bussen met toeristen bij het monument voor de hoofdingang van reactor 4. Alsof het een dagje uit betrof, grappend en grollend op de foto met elkaar.
In de buurt van ChNPP4 werd in de uitgestrekte betonnen eetzaal van een oud Sovjet-gebouw een basale middagmaaltijd genuttigd. Bij de ingang werd vooraf iedereen gecontroleerd op straling.

Pripyat
Via de controle post “Semihody” zetten we onze reis voort naar de spookstad Pripyat. Voor de ontwikkeling van de nucleaire industrie was hier niets dan bos en moeras.
In de jaren zestig uit de grond gestampt als modelstad voor de elite van de partij, merendeels technici met hun gezinnen die werkzaam waren in de nucleaire industrie. Een stad met brede lanen, moderne gebouwen, ruimte, de beste voorzieningen. Vergelijkbaar met de Bijlmermeer in Amsterdam en de Rotterdamse wijk Ommoord.

Op deze plek stolde het Sovjet-communisme in de tijd. Het bejubelde wetenschappelijk gerichte vooruitgangsgeloof en de maakbare mens leek zich met behulp van de nucleaire industrie te verzekeren van een eeuwig stralende toekomst.
Pripyat bleek een post-apocalyptische, surrealistische hel, sinister, naargeestig en confronterend.
De herinneringen aan de communistische ideologie waren nog volop zichtbaar, de onttakeling was totaal. Bomen, struiken en grassen groeiden tussen het gebroken en verweerde beton. Straten, pleinen, flats, huizen, alles verlaten en overwoekerd door vegetatie.
Een koekoek liet in de verte van zich horen.
Overal lag stof en de hitte was niet te harden.
Het opwaaiende stof bevat radio-actieve deeltjes en is potentieel levensbedreigend bij inademing. Daarom droeg ik een speciaal voor deze tocht aangeschaft masker met een FFP3 NRD classificatie.

Urban Survival
Het moment dat ik m’n gids en twee mede-reizigers uit het oog verloor, waren onheilspellend en angstig. Overal was er straling, maar de intensiteit en waarde kon ik niet waarnemen. Hoe kun je je overlevingsvaardigheden gebruiken in een nucleair besmet gebied?
In het voormalige cafe-restaurant aan de rivier zaten in de sponningen nog glas-in-lood-ramen in socialistisch-realistische stijl met de afbeeldingen van arbeiders.

In de verte lag in het water een half gezonken boot, nog verder zag ik de silhouetten van roerloze kranen, scherp afgetekend tegen de blauwe lucht. Aan de overzijde bevond zich een dumpplaats van hoog-radio-actief materieel, dat ingezet was om de brand te blussen.
De rivier op die plek bleek zwaar verontreinigd te zijn. Talloze stortplaatsen zijn nooit gemarkeerd, veel troep verdween in de grond en het water.

Bosbranden
Op de terugweg reden we westelijk van ChNPP4 langs ‘The Red Forest’. De naam was ontleend aan de rood-bruine kleur van de dennenbomen, die ontstond na de explosie en het vrijkomen van de hoge stralingswaarden.
Door de extreme hitte en droogte waren er continu bosbranden.
De verkoolde boomstammen waren goed zichtbaar.
Terwijl we met een kilometer of vijftig, zestig langs reden, sloeg de stralingsmeter onophoudelijk knetterend uit.
Dat was geen fijn besef, want veilige doses straling bestaan niet.

Bij brand worden radio-actieve deeltjes meegevoerd naar de hogere luchtlagen en kunnen zodoende een groot gebied besmetten.
Er is nauwelijks geld voorhanden voor deugdelijk bosbeheer, als het überhaupt al mogelijk is om dat gebied zonder al te veel schade te betreden. Kreupelhout hoopt sowieso op en bij langdurige droogte komt deze makkelijk tot ontbranding.
Bosbrandbestrijding vergt capaciteit, expertise en voldoende financiële mogelijkheden en die ontbreken.

 

Terreur
Een ander risico vormt terrorisme. Het kostte me weinig moeite om voor te stellen dat een groep zwaar bewapende jihadi’s uit de Kaukasus ongezien de veiligheidszone zou kunnen binnendringen, een aanval zou kunnen uitvoeren op ChNPP4 met als doel om de sarcofaag op te blazen.
Het kleine aantal militairen dat ik daar rond zag lopen, gedemotiveerd door de lage salariëring en zichtbaar verveeld, lijkt me nauwelijks partij voor een uitgelezen groep terroristen met een missie.

Geo-politiek
Wanneer de proxy-oorlog rond Luhansk en Donetsk in het zuidoosten onverhoopt escaleert tot een grootschalige conflict tussen Rusland en de Oekraïne is het voorstelbaar dat de veiligheidssituatie in het gebied rond ChNPP in gevaar komt als gevolg van de vernietiging van grote delen van de kritieke infrastructuur en het uitvallen van de nutsvoorzieningen.

Impressies
Het gebied is een oord der verschrikking, waar het vooruitgangsgeloof met een daverende knal tot bezinning werd geroepen.
Niet dat het sindsdien wezenlijk anders is gegaan. Vooralsnog lijkt het erop dat we ons wereldwijd en collectief als lemmingen van een afgrond in zee storten. Een enorme dynamiek die kennelijk niet te stoppen lijkt.
Hoe dan verder? Ik heb geen idee.

Chernobyl museum
Ter afsluiting van dit onderzoek bezocht ik op maandag 18 juni het Chernobyl-museum in Kiev waar de permanente tentoonstelling deels gewijd is aan de ramp in Fukushima.
Opvallend vond ik sommige kalligrafische pentekeningen van Japanse herkomst, waarin de lotsverbondenheid tussen de bevolking van Fukushima en Chernobyl benadrukt werd.
De Japanse ‘liquidators’ werden afgebeeld in een tamelijk omstreden context. Een samurai krijger rechts, in het midden de liquidator van Japanse origine als moderne held en links geflankeerd door een Shinto geïnspireerde kamikaze piloot uit WWII. Daarin wordt duidelijk hoe het Japanse heldendom binnen een collectief historische context ervaren wordt.

Tot slot
Er zijn nauwelijks woorden voor.
Wetenschappers in de nucleaire industrie lijken op tovenaarsleerlingen die met vuur spelen, zij roepen kosmische krachten op die zij niet in de hand kunnen houden.


¹ Mirnyi, Sergii
Worse than radiation and 7 odd Chernobyl stories
ASMI, 2017
ISBN 978-966-182-481-1